De wortels van de religie zoals die nu door de Hindoes wordt beleefd, liggen in de Indusvallei. Een beschaving die ca. 3500 tot 1500 voor Christus bestond nu grotendeels Pakistan.
Het hindoeïsme heeft zich vooral rond 1000 voor Christus ontwikkeld. De oorsprong van het hindoeïsme is te vinden 3500 voor Christus, het begin van de Indusvallei beschaving. De veda’s en andere geschriften van deze beschaving ontwikkelen zich tot een levenswijze die we vandaag de dag nog kennen.
In het begin van de jaren twintig werden overblijfselen gevonden van een hoogontwikkelde beschaving. Archeologen deden opgravingen bij Mahenjodaro en Harappa in de Indusvallei.Op zegels van speksteen werden religieuze teksten aangetroffen. Op de zegels werden naast teksten ook afbeeldingen gevonden van bijvoorbeeld een vrouwfiguur die een baby voedt, een Moedergodin. Op een andere zegels is een man met gekruiste benen te zien, wat duidt op yogameditatie.
Wat wij over de Indusvallei beschaving weten, is gebaseerd op materiële overblijfselen. De opgravingen in de Indusvallei heeft de oorsprong van het hindoeïsme bloot gelegd.

Meer informatie op de websites:





