Op de oproepingskaart staat vermeld op welke stembureau je kunt stemmen. Vergeet niet de kaart mee te nemen.

De ouderwetse manier is door een rondje rood te maken op de lijst van kandidaten.
De voorzitter van het stemlokaal geeft aan de kiezer een stembiljet, en noteert hoeveel stembiljetten hij heeft uitgegeven (door te turven). Dan gaat de kiezer met het stembiljet naar het stemhokje en maakt met het rode potlood dat in het stemhokje ligt het hokje van de kandidaat van zijn of haar keuze rood. Daarna vouwt de kiezer het stembiljet dicht zodat het niet zichtbaar is op wij hij gestemd heeft, en gaat hij naar de stembus. Het derde lid van het stembureau kijkt toe om te controleren of hij het stembiljet in de stembus stopt.
Eerder kon je elektronisch stemmen. Dit is voor als nog komen te vervallen in verband met de veiligheid (hackers). Op een paneel staan alle lijsten van partijen met de kandidaten. Je maakt een keuze voor een persoon door een knop in te drukken.
Bij elektronisch stemmen krijg je geen stembiljet, maar staat in het stemhokje een groot paneel met voor elke kandidaat een knopje. Je drukt op het knopje van de kandidaat van je keuze. De naam van de kandidaat verschijnt nu in het display van de stemcomputer. Als je ziet dat het de naam is van de kandidaat die jij bedoelde, dan druk je op de rode knop om aan te geven dat je klaar bent met stemmen.
Bij elektronisch stemmen krijg je geen stembiljet, maar staat in het stemhokje een groot paneel met voor elke kandidaat een knopje. Je drukt op het knopje van de kandidaat van je keuze. De naam van de kandidaat verschijnt nu in het display van de stemcomputer. Als je ziet dat het de naam is van de kandidaat die jij bedoelde, dan druk je op de rode knop om aan te geven dat je klaar bent met stemmen.





